one page back

Onze eerste KNJV-proeven

Het is vaak nuttig om ervaringen even te laten bezinken en er goed over na te denken. Of ik dat kan, laat zich raden, maar deze reflectie is na de ervaring van de tweede KNJV-proef, gisteren in Lewedorp, toch anders dan voordien over de eerste proef, een week daarvoor in Veenhuizen.
Beide schitterend georganiseerde proeven, gezellig en bovenal in prachtige, natuurlijke velden. Overigens totaal verschillend aan elkaar en daarom juist zo interessant. Onder elke omstandigheid moet de hond voldoen aan de gestelde eisen, die toch al zo precies omschreven en gelijk zijn. Altijd is het markeren te moeilijk, het over water te dit en het konijn te dat. Flauwekul. Natuurlijk gebeurt er wel eens iets op een proef, dat we allemaal liever anders hadden gezien, maar toch ligt de kritiek meestal bij de voorjagers, die een excuus nodig hebben om te beargumenteren waarom zij in hun trainen gefaald hebben. Ik deel absoluut de mening dat er meer goede honden op de wedstrijden lopen dan voorjagers. Van mezelf weet ik dat het altijd mijn fout is. Mijn hond doet perfect wat hij denkt dat ik wil (zo lang mijn wens niet al te strijdig is aan zijn jachtinstinct).

Veenhuizen
Onze allereerste proef met wild, waarmee ik eigenlijk nog maar schameltjes getraind heb. En dat blijkt. Het konijn wordt me nota bene op de voeten geworpen! Zittend afgeven vraag ik dus maar niet meer. De meeste apporten worden me niet fraai met opgeheven hoofd aangereikt. Volgen gaat met veel interesse voor het omliggende veld. Maar ik ben uitermate tevreden over mijn hond, omdat hij werkt zoals ik dat graag van hem zie: snel en efficiënt.

Lewedorp
Dit wordt domweg een herhaling van wat er in Veenhuizen allemaal volgens het rode boekje niet aan deugde. Maar in mijn beleving is dit absoluut de ideale situatie. Mijn hondje is nog maar 13 maanden en mag zeker zijn initiatief en jeugdigheid niet verliezen. Het moet een vrije, zelfstandig werkende hond blijven. Daar horen deze onvolkomenheden bij. Nu nog wel. Ik meen dit oprecht, want het klinkt als een excuus voor mijn onvolkomenheden. (Het is aan anderen om dat wel zo te vinden.)

A. aangelijnd en los volgen 8 8
B. komen op bevel 9 8
C. houden van de aangewezen plaats 8 8
D. apport te land 8 8
E. apport uit diep water 8 9
F. verloren apport te land 9 8
G. markeer apport te land 9 10
H. apport over diep water 8 10

Het cijferlijstje spreekt voor zich: daar waar het er om gaat, blijkt de performance van Frodo het best en verder is hij "nog jeugdig".

Natuurlijk heb ik met dit resultaat gemakkelijk praten. Maar de boodschap is toch duidelijk. Als je een hond traint, dan moet je het niet half doen (is niet gelijk aan vaak!). Je moet een ras en een karakter zoeken dat je ligt. En bovenal hij moet werktalent hebben, in ons geval jachttalent. Dat laatste is van mijn hond beter dan van mij, dus respecteer ik zijn insteek heel vaak, hoewel nog altijd onvoldoende. Mij ontbreekt het aan kennis en ervaring, die mijn hond minder nodig heeft omdat hij talent heeft. Hij heeft natuurlijk nog ervaring nodig om een grotere hond te worden. In deze fase van leeftijd en ervaring ben ik heel erg tevreden.

Na nu doen we dit seizoen nog een KNJV-proef en dat is wel genoeg: mijn hond begint dit spelletje te goed door te hebben. Met schrik realiseer ik me ook nog twee clubdiplomadagen te hebben ingeschreven. Toen dacht ik nog voor de training, nu voor de gezelligheid en wellicht realiseer ik me nadien: voor de bescheidenheid. Want juist als je je eigen performance niet meer serieus genoeg neemt, dan maak je fatale fouten. De tijd zal het leren.

Het is en blijft zaak mijn hond goed te lezen,
want op de workingtest-finale in België volgende week, zal wel blijken hoe belangrijk de puntjes op de i zijn. Dan zullen de omstandigheden voor steadiness en correct los volgen heftiger in verleiding worden gebracht!

Na gedane arbeid is het in elk geval goed slapen!